Wat kost een studieschuld je écht aan leenruimte?

Een studieschuld verlaagt je maximale hypotheek. Maar niet met een percentage van wat je nog openstaat — dat mag sinds 2024 niet meer. Wat telt is je maandelijkse termijnbedrag, en dat scheelt in de praktijk tienduizenden euro’s aan leenruimte.

In het kort

  • Geldverstrekkers rekenen met je termijnbedrag, niet met je restschuld. Welk termijnbedrag — het wettelijke of wat je nu werkelijk betaalt — verschilt per geldverstrekker.
  • Dat bedrag wordt opgehoogd voordat het van je leenruimte af gaat, omdat de last ook in de toekomst moet passen.
  • Extra aflossen helpt pas als het je termijnbedrag omlaag brengt, en dat gebeurt niet automatisch.

Waarom de oude rekenwijze verdween

Jarenlang werd een studieschuld getoetst met een vast percentage van de oorspronkelijke schuld, met een lager percentage voor leningen onder het studievoorschot. Simpel, maar grof. Wie zijn schuld half had afgelost, werd nog steeds afgerekend op het volle bedrag. En wie een lange looptijd en een lage rente had, kreeg dezelfde behandeling als iemand die veel meer per maand kwijt was.

Sinds 2024 kijkt de norm naar wat je werkelijk betaalt: het termijnbedrag dat DUO je oplegt. Dat sluit aan bij wat een hypotheekverstrekker eigenlijk wil weten — hoeveel ruimte houd je maandelijks over.

Toch rekenen veel online tools nog met de oude methode. Kom je op twee sites uit op bedragen die tienduizenden euro’s uit elkaar liggen, dan is dit vaak de verklaring.

Zo wordt je studieschuld in je hypotheek berekend

Er gebeuren twee dingen. Eerst wordt je termijnbedrag opgezocht: dat staat in Mijn DUO en is gebaseerd op je restschuld, je looptijd en de rente die voor jouw leningfase geldt.

Welk termijnbedrag daarbij wordt gebruikt, verschilt. Betaal je nu minder dan je wettelijke termijn, dan telt bij 7 van de 12 beoordeelde geldverstrekkers waarvan wij dit konden vaststellen je werkelijke betaling mee. Deze site houdt de voorzichtige kant aan en rekent met het wettelijke bedrag, dus je werkelijke ruimte kan groter zijn dan wat je hier ziet.

Daarna wordt dat bedrag opgehoogd. Dat heet de bruteringsfactor. De reden: je huidige termijnbedrag is niet je toekomstige last. De rente op studieleningen staat maar voor een periode vast, en na een herziening kan je maandbedrag stijgen. Door met een hoger bedrag te rekenen blijft je hypotheek ook dan betaalbaar.

Hoe hoog die factor is, hangt af van de toetsrente van je hypotheek. Hoe hoger de rente, hoe zwaarder je studielening meetelt:

ToetsrenteBruteringsfactor
tot 2,000%1,05
2,001% tot 2,500%1,10
2,501% tot 3,000%1,15
3,001% tot 3,500%1,20
3,501% tot 4,000%1,20
4,001% tot 4,500%1,25
4,501% tot 5,000%1,30
5,001% tot 5,500%1,30
5,501% tot 6,000%1,35
6,001% en hoger1,40

Een termijnbedrag van € 80 telt bij een toetsrente van 4,18 procent dus mee als € 100 per maand. Datzelfde termijnbedrag zou bij een rente boven de 6 procent als € 112 meetellen. Je studieschuld verandert niet, maar de last die eraan wordt toegerekend wel.

Het opgehoogde bedrag gaat vervolgens van je toegestane woonlast af. Wat overblijft, bepaalt je maximale hypotheek.

Rekenvoorbeeld

Een alleenstaande met een inkomen waarbij een woonlast van € 1.100 per maand is toegestaan, een studieschuld met een termijnbedrag van € 80 per maand, en een toetsrente van 4,18 procent.

Woonlast die je mag hebben € 1.100 p/m
Termijnbedrag DUO € 80 p/m
Maal de bruteringsfactor 1,25 − € 100 p/m
Blijft over voor de hypotheek € 1.000 p/m
Scheelt aan leenruimte ongeveer € 20.000

Fictief voorbeeld met ronde bedragen. Wat een euro aan maandlast aan leenruimte oplevert, hangt af van de rente en de looptijd; je eigen situatie kan hiervan afwijken.

De verhouding is het punt, niet het exacte bedrag: elke euro maandlast die wegvalt, levert ongeveer tweehonderd euro aan leenruimte op. Een termijnbedrag van tachtig euro kost je daarmee al snel het verschil tussen twee woningen.

Studieschuld aflossen voor je hypotheek: helpt dat?

Aflossen helpt, maar alleen op de juiste manier

Een extra aflossing verlaagt je restschuld, maar je termijnbedrag past zich niet vanzelf aan. Bij DUO kun je je maandbedrag laten herberekenen; pas daarna telt de lagere last mee. Los je vlak voor je hypotheekaanvraag af zonder herberekening, dan zie je daar niets van terug. Op de pagina van DUO over de berekening van je maandbedrag zie je hoe jouw termijnbedrag tot stand komt en wat er verandert als je aflost.

Volledig aflossen is het duidelijkst: dan valt de post helemaal weg. Wel iets om vooraf uit te rekenen, want je gebruikt daarvoor eigen geld dat je bij de aankoop ook nodig hebt voor de kosten koper.

Zit je nog in de aanloopfase?

Na je studie volgt een periode waarin je nog niet hoeft af te lossen: de aanloopfase. Je betaalt dan niets aan DUO, en veel starters gaan ervan uit dat hun studieschuld in die periode dus ook niet meetelt bij een hypotheekaanvraag.

Dat klopt niet. Er wordt gerekend met het termijnbedrag dat straks gaat gelden, niet met de nul die je nu betaalt. De regeling schrijft voor dat in zo’n situatie wordt gerekend op basis van je actuele restschuld, de actuele rente en de resterende looptijd. Je schuld telt dus gewoon mee, ook al heb je er nog nooit een euro op afgelost.

Praktisch betekent dat twee dingen. Je kunt niet wachten met je aanvraag tot vlak voor het einde van de aanloopfase om de last te ontlopen. En je kunt je termijnbedrag ook nog niet gebruiken als bewijs, want dat is er nog niet — vraag daarom vooraf na welk bedrag er voor jou wordt aangehouden.

Let op je aflosvrije periode

Gebruik je een aflosvrije periode, dan betaal je nu niets. Net als bij de aanloopfase verdwijnt de last daarmee niet: er wordt gerekend met het bedrag dat je zou betalen als de aflossing weer loopt. Hetzelfde geldt als je termijnbedrag is verlaagd via een draagkrachtmeting.

Zoek de ruimte ergens anders

Een studieschuld is zelden je enige knop. Een energiezuinig label levert een vaste vrijstelling op, en de rentevaste periode die je kiest kan je toetsrente veranderen. Vaak is de opbrengst daar groter dan wat je met aflossen bereikt.

Wat vaak wordt gedacht, maar niet klopt

  • “Mijn studieschuld staat niet bij BKR, dus niemand ziet hem.” Klopt, maar er wordt steekproef gewijs naar gevraagd als jouw profiel daartoe aanleiding toe geeft bij een finaniceringsaanvraag. Verzwijgen is op eigen risico.
  • “Ik heb bijna afgelost, dus het telt nauwelijks.” Het gaat om je termijnbedrag, en dat blijft staan tot je het laat herberekenen.
  • “In de aanloopfase telt mijn schuld nog niet mee.” Er wordt gerekend met het bedrag dat je straks gaat betalen, niet met wat je nu betaalt.
  • “Elke tool geeft hetzelfde antwoord.” Juist bij studieschuld niet. Reken op twee plekken en vergelijk.

Wat betekent dit voor jou?

De check rekent je studielening apart door en laat zien wat die je aan leenruimte kost. Je ziet beide plafonds: wat je inkomen toelaat en wat de woning toelaat.

Doe de check

Waar dit op gebaseerd is

  • Tijdelijke regeling hypothecair krediet, artikel 3a — het termijnbedrag als grondslag, de bruteringsfactoren, en de herrekening bij een aflosvrije periode of draagkrachtmeting (lid 3)
  • DUO — berekening van je maandbedrag
  • De rekenregels van deze site staan op Hoe wij rekenen

Normen van 1 januari 2026 · laatst gecontroleerd op 7 oktober 2026

Dit artikel is informatie, geen advies in de zin van de Wet op het financieel toezicht. De uitkomsten van de check zijn een indicatie op basis van openbare normen en vormen geen aanbod. Voor persoonlijk advies verwijzen we naar aangesloten onafhankelijke adviseurs met een eigen vergunning.

Jeroen Donia

Jeroen Donia

Werkt in de hypotheekadvisering en bouwde deze site om te laten zien hoe een maximale hypotheek werkelijk tot stand komt. Onze uitleg is gebaseerd op officiële normen en op openbaar gepubliceerd acceptatiebeleid van geldverstrekkers.

  • Wft Basis
  • Wft Hypothecair krediet
  • Wft Vermogen

Meer over de auteur